Skip to main content
  • Pastoralia 107: Your Life Matters.

    Pastoralia 107: Your Life Matters.

01 oktober 2020

Bijbeltekst: Psalm 116

Heb jij het gevoel dat je niet meetelt ? Voel je je vaak verloren in groter gezelschap ? Iedereen is met elkaar in gesprek lijkt het, maar niemand spreekt jou aan. Het lijkt wel alsof je er niet bent. Of je telt niet mee denk je, omdat je geen prachtige carrière hebt gemaakt. Je hebt maar een gewoon baantje. Ze zitten vast niet op jou te wachten. Wat stel jij nou eenmaal voor, toch ? Maar er is er één die je wel ziet staan. Daar kijken we in deze pastoralia samen naar.

Waardeloos ?
Iedereen heeft in de afgelopen maanden de ontwikkelingen kunnen volgen omtrent Black Lives Matter. Je kunt veel op en aanmerkingen hebben op hun methoden, maar in wezen hebben ze volkomen gelijk. Het leven van de zwarte gemeenschap, van de zwarte man en vrouw doet er toe. Want, weet je, God maakt geen onderscheid. Of je nu zwart, wit, geel of rood bent. Voor Hem is iedereen gelijk. Dat gevoel van minderwaardigheid is overgebleven van de slavernij. “Voormalige slavenhouders” hebben nog steeds vooroordelen over zwarten en de “voormalig slaafgemaakten” hebben vaak nog latente minderwaardigheidsgevoelens. En beide zienswijzen deugen niet. En helaas hebben kerken zich daar ook aan bezondigd. Lees; Wij slaven van Suriname, van Anton de Kom, maar eens. Ik wil een stap verder gaan. Ook jij kan door je opvoeding een gevoel van minderwaardigheid hebben meegekregen. Ouders die je kleineerde of een leraar, die zei dat je het tot niets brengen zal. Vreselijk, waar halen ze het vandaan. Zo wil God niet dat we met elkaar om gaan. Kinderen mag je zo geen minderwaardigheidscomplex aanpraten , dat wordt terecht verbale kindermishandeling genoemd. En in een Christelijk gezin of op een Christelijke school mag dit al helemaal niet voorkomen. Uit de Bijbel kennen wij ook een verhaal, waar de haren je van te bergen rijzen. In Marcus 10 wordt het verhaal van Bartimeus verteld. Hij is blind en zit bij de weg in Jericho. Toen hij hoorde dat Jezus langs kwam begon hij te roepen. En kijk dan eens wat de mensen doen. “De omstanders snauwden dat hij zijn mond moest houden”, vers 48. Ze hadden de boodschap van Jezus gehoord en in plaats van Bartimeus te helpen, proberen ze hem het zwijgen op te leggen. Waarom ? Hun vooroordeel was te diep geworteld, ze waren grootgebracht met de idee dat een blinde, bedelaar nog wel, waardeloos was. Die telt niet mee. Wat moet zo’n iemand nu met Jezus. Hoe durven ze, in de oude Joodse wetten stond dat dit; een bedelaar, een arme, helemaal niet mocht voorkomen in Israël. Daarvoor waren allerlei wetten gemaakt, maar dat waren ze even vergeten. De blinde Bartimeus kende de profeten blijkbaar beter, kijk maar hoe hij Jezus aanroept; “Zoon van David”, vers 47. Hij gelooft in Jezus. En kijk dan wat Jezus doet. De mensen zien Bartimeus niet staan, ze vinden hem een waardeloos individu, maar Jezus roept hem. En hoe het afloopt kunt u zelf nalezen. Voor Jezus is deze Bartimeus geen waardeloos mens. Voor Bartimeus wordt Psalm 116 : 1 en 2 waar; “Hij hoort mijn stem, mijn smeken, Hij luistert naar mij, ik roep Hem aan, mijn leven lang”. Denk je nu nog steeds dat jij waardeloos bent, dat je niet meetelt? Ja, misschien in deze wereld. Maar in het Koninkrijk van de hemel geldt dat zeer zeker niet. Niemand is waardeloos in Gods ogen. Dat kan ook niet want Hij heeft jou toch gemaakt. En God maakt geen vergissingen. In de oude vertaling en in de berijmde Psalm staat dat wij kostbaar zijn in Gods ogen. Knoop dat dus in je oren, je bent niet waardeloos!!

Waardevol !
Je bent dus niet waardeloos, maar waardevol in Gods oog. ‘Ja, maar ik ben zondig en ik doe vaak zo dom’. Kijk en daar moet je nou vanaf. Van naar jezelf te kijken vanuit jezelf, vanuit de opvoeding, die je dat minderwaardigheidscomplex heeft bezorgt. Kijk nu eens door de ogen van God naar jezelf. Jij, Jij, bent kostbaar in Gods ogen. Omdat jij zo goed bent? Nee, omdat Hij Zijn eigen zoon voor jou heeft overgehad. Jij hebt Hem iets gekost. Het kostbaarste dat Hij had, Zijn eigen vlees en bloed. Als Hij dat voor jou overhad, dan moet je toch wel kostbaar voor Hem zijn, of niet soms? Jij doet er toe. Jouw leven doet er toe. Your life matters, in en door Jezus Christus. En zo kom ik ook tot de uitspraak; All lives Matter. Zwart of wit, geel of rood. Je doet er toe, omdat God van je houdt. Hij heeft je gemaakt. Je bent een ‘product’ van Hem, om zo maar te zeggen. En daarom is het zo erg en zo in en in triest, wanneer Christenen discrimineren. Wanneer er nog racistische elementen in ons leven zijn, vaak ongemerkt aangeleerd door onze westerse cultuur. Dat moeten we aan onszelf ontdekken en daar moeten we iets tegen doen. Op z’n minst daar onze excuses voor maken. In mijn woonkamer staat een borstbeeld van een indiaan. Het is een beeltenis van Geronimo, de Warchief, zeg maar generaal, van de Apachen Indianen. Het is een remainder, die mij eraan herinnert dat andere rassen ook geliefd zijn door God. Geronimo is namelijk een broeder in de Here van ons geweest, de laatste decennia van zijn leven was hij lid van de Dutch Reformed Church of America. Wat iemand ook gedaan heeft en waar hij ook vandaan komt, wat ook de kleur van zijn huid is, het zijn allemaal kinderen van God. Want laten we dit niet vergeten; “Want God had de wereld zo lief dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft”, Johannes 3 : 16. Ik zie geen voorbehoud. Er staat niet alleen witte mensen, maar iedereen. Dus iedereen is kostbaar in Gods ogen. Daarom doet het Hem pijn als je Hem afwijst. Maar als je Jezus aan neemt als jou Heer en Redder dan is het feest in de hemel. God vergadert zich een volk uit elke taal en volk en natie. Lucas schrijft het zo in de Handelingen der Apostelen; “Simeon heeft uiteengezet hoe God zelf het plan heeft opgevat om uit de heidenen een volk te vormen dat Zijn naam vereert”, hoofdstuk 15 : 14. God zelf doet en wil dat. Iedereen is waardevol in Zijn ogen. Jij bent waardevol in Zijn ogen. Wat anderen ook zeggen of doen. Je bent waardevol in de ogen van de Allerhoogste, de Koning der koningen en Heer der heren. Stel je eens voor dat onze Koning naar jou woonplaats komt en hij wil met jou praten. ‘Nou, dat zal niet gebeuren’, zeg je. Misschien niet, maar de Koning der Koningen Hij wel. En daar zingt Psalm 116 van. Hij wil met jou omgang hebben, ookal spreekt niemand jou aan bij de kerk.

Waardering ?!
Dat is erg. Dat mag eigenlijk niet gebeuren, zeker niet in de familie van Gods kinderen. In de kerk moeten we elkaar waarderen, omdat God ons waardeert. Hij schat ons op waarde. De waarde van het offer van Zijn Zoon. En wat wij van Hem ontvangen, moeten we ook aan anderen uitdelen. Jezus ziet ons staan. God hoort ons. Hij beschermt de eenvoudigen, vers 6 van Psalm 116. Daarom moeten wij christenen ook hen beschermen. We moeten naar elkaar omzien. Elkaar het gevoel geven; ik hoor je, ik zie je. Misschien ben je het niet altijd met elkaar eens, misschien ligt die ander jou niet helemaal. Maar God laat jou ook niet om die reden links liggen, terwijl Hij reden te over heeft. “Geen mens die zijn woord houdt”, Psalm 116 : 11. Wij zijn allemaal zondaren en hebben Jezus zo nodig. Laten we dan naar elkaar kijken door de ogen van God en elkaar in liefde aanvaarden. En liefde is een werkwoord, dat moet je dus dan ook doen. Wij moeten elkaar liefhebben zoals Christus ons heeft liefgehad, zegt het Avondmaalsformulier. Schat elkaar op waarde. De waarde van een kind van God. Dan is iedereen waardevol. En dan kunnen we allemaal oprecht zingen; “U wil ik een dankoffer brengen. Ik zal de naam aanroepen van de Heer en mijn geloften aan de Heer inlossen in het bijzijn van heel Zijn volk, in de voorhoven van het huis van de Heer, binnen uw muren, Jeruzalem”, Psalm 116 : 17 – 19.
F.L.