• Pastoralia 135: Kerst; Gods liefde op aarde

    Pastoralia 135: Kerst; Gods liefde op aarde

16 december 2021

Bijbeltekst: Lucas 2 : 6 t/m 8 en 16 t/m 19 en Mattheüs 2 : 13 en 14.

De geboorte van een kindje. Ik weet niet hoe het u vergaat, maar het vertedert mij altijd en tegelijkertijd is het zo kwetsbaar dat je, wanneer je het in de armen mag nemen, er erg voorzichtig mee bent. Zo’n kindje is het resultaat van de liefde. En het is een teken van hoop, wat zal dit nieuwe leventje brengen, wat zal het kindje worden als het groot is? Achter het Kerstkind zit echter een heel ander verhaal, een groter verhaal. Laten we daar eens naar kijken samen.

Liefde in een voerbak.
Waarom vieren zoveel miljoenen kerstfeest? Lopen, normaal, op kerstavond de kerken helemaal vol? Ook met mensen die helemaal niet kerks zijn en die je verder nooit in de kerk ziet? Ik denk dat dit komt door hoop. Kerst gaat over hoop en over liefde. De kerstliederen getuigen ook van die hoop en van de liefde van God voor deze wereld. Met kerstfeest wordt waarheid in het vlees Johannes 3 : 16 “Want God had de wereld zo lief dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft”. Daarom in die nacht in Bethlehem wordt niet het resultaat geboren van de liefde van een man voor zijn vrouw, al helemaal omdat er geen man aan te pas kwam - Maria werd zwanger door de Heilige Geest- , maar daar wordt de Liefde zelf geboren. Jezus Christus, Gods Zoon. Hij is de vleesgeworden liefde van God. En leert Johannes ons ook niet in zijn eerste brief, hoofdstuk 4 vers 16b “God is liefde”. Gods Zoon wordt hier geboren en Hij is zelf God. Daarom is Hij de liefde in eigen persoon. Hij, de Zoon van God werd onder schamele omstandigheden geboren, in de stal van Bethlehem en ze moesten Hem, in doeken gewikkeld, in een voerbak leggen. Want er was geen wiegje beschikbaar. En dan komen er herders om naar het Kindje te kijken en Hem te eren. En wat zien ze? Met menselijke ogen niet veel bijzonders, een kindje, in een voerbak nota bene. Maar met de ogen van het geloof zie je hier de liefde in een voerbak liggen. De hoop van de wereld. Door Hem zullen we gered worden van onze zonden. Hij die “miljoenen eens zaligen zal”, zegt het kerstlied, “werd geboren in Bethlehem ’s stal, Hij der schepselen Heer”. En Johannes de Doper wijst op Hem, “Daar is het Lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt”, Johannes 1 : 29. Dat geeft hoop. Misschien hebben de herders dat begrepen, hoewel wat ze zagen eigenlijk niets bijzonders was. De hele wereld of je nu geloofd of niet, snakt naar vrede en liefde. En daarom geeft Kerst hoop. Daarom vieren velen die niet geloven ook Kerst, uit dat diepe innerlijke verlangen naar liefde. Maar Johannes 3 leert ons dat dat alleen maar werkt als je echt gelooft, “opdat iedereen die in Hem gelooft”. En dat is het grote verhaal achter het verhaal. Je moet jezelf overgeven aan dat kleine kindje, aan onze Heer in doeken gewikkeld.

Liefde op de vlucht.
Maar kan Hij ons dan redden? Wanneer je Mattheüs 2 leest dan lijkt dat er niet op. Jozef en Maria moeten met de kleine Jezus op de vlucht. Herodes, die zich door de Wijzen, de Magiërs om de tuin geleid voelt, vreest voor zijn troon. Een nieuwe koning? Hij is koning van Judea en niemand anders. En het Hasmonese huis zal het koningschap niet door zijn vingers laten glippen. Daarom plant hij de aanslag op Bethlehem. Want hij, Herodes, had wel goed geluisterd naar de Schriftgeleerden. Zo op het eerste gezicht gaat het hier om een politiek machtsspel. Maar er zit meer achter. Achter Herodes doemt de gedaante van Satan op. Hij weet dat de geboorte van Jezus voor hem het begin van het einde is. En daarom gebruikt hij de machtshonger en de angst van Herodes om zich van Hem te ontdoen. Satan is de heer van het kwaad, ja, hij is het kwaad zelf. Hij is de haat in eigen persoon. Alleen maar uit op destructie, van de wereld, van de mens, van Gods schepping. Maar hij weet dat er maar één is die hem verslaan kan en dat is dat kleine Kindje. Gods Liefde in eigen persoon. En hij haalt alles uit de kast om van Hem af te komen. Dat begint hier in Bethlehem, maar ook als Jezus Zijn arbeid op aarde aanvangt doet Satan nog een poging, bij de verzoeking in de woestijn, in Mattheüs 4. Tot twee keer toe vraagt hij Jezus “Als u de Zoon van God bent”…. Terwijl hij heel goed weet dat Jezus de Zoon van God is. Waarom anders zou hij hem geprobeerd hebben te doden in Bethlehem? Satan siddert, hij weet dat zijn einde nadert en hij doet een ultieme poging zichzelf te redden. Daarom heeft hij het gemunt op een klein kwetsbaar Kind, dat zichzelf niet kan verdedigen en dat met maar één doel op de wereld is gekomen, namelijk het redden van anderen, van ons. Maar Satan rekent buiten de waard. Jezus staat onder hemelse bescherming. Een engel waarschuwt Jozef en de Liefde moet op de vlucht voor de vorst van de haat en zijn handlanger Herodes. “Sta op en vlucht met het kind en Zijn moeder naar Egypte”, Mattheüs 2 : 13. En Jozef gehoorzaamd en gaat. En zo grijpt Satan er naast. En Herodes vist achter het net. Beiden bekommeren zich niet over de bijkomende schade, al die kinderen die het leven lieten en daarmee bewijzen ze dat ze behoren tot het rijk van de duisternis. Ook Herodes overleeft het niet, hij sterft niet lang daarna. En dan kan Jezus veilig terug keren naar Israël. Voor de zekerheid gaan ze in Nazareth wonen, dat valt niet onder het bewind van de Hasmoneeën. En zo kan Jezus veilig opgroeien. Satan heeft niet het laatste woord, gelukkig.

Liefde die overwint.
Want ook dat hoort bij het grote verhaal. Het kleine Kindje in de voerbak bleef geen kindje maar groeide op tot een volwassen man. We weten nu wat er van die baby terecht kwam. En het mooie is dat de hoop in de voerbak een levende hoop is en blijft. Het is de hoop waarvan christenen getuigen. Zo noemt Paulus Hem “en van Christus Jezus, onze hoop”, 1 Timotheüs 1 : 1. En Petrus leert ons; “Vraagt iemand u waarop de hoop die in u leeft gebaseerd is, wees dan steeds bereid om u te verantwoorden”, 1 Petrus 3 : 15. Die hoop is gebaseerd op dat kleine Kindje die een man werd, Jezus Christus Gods Zoon. Hij is onze hoop. En daar kunnen we altijd van getuigen, zeker met kerst. Dan lijken mensen er meer voor open te staan. Ze komen af op het kerstfeest dat vertederd. En misschien gaan hun harten dan wel een beetje open en kan de boodschap van hoop en redding overkomen. Want Kerstfeest is het feest van de hoop en van de liefde. De liefde van God. “Het wezenlijke van de liefde is niet dat wij God hebben liefgehad, maar dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn Zoon heeft gezonden om verzoening te brengen voor onze zonden”, 1 Johannes 4 : 10. Kerst in een notendop. En dat is geslaagd. Want Jezus Christus heeft voor ons geleden, is gekruisigd en gestorven en heeft zo betaald voor onze zonden. In en door Hem zijn wij verlost en bevrijd. Onze hoop is niet dat we eens gered zullen worden, eens gezaligd zullen worden, om maar met het Kerstlied te spreken. Nee, we zijn gered en bevrijd wanneer we Jezus aannemen als onze Heer en Redder. We zijn dan gezaligd. Maar eens zullen we bij Hem zijn, dat is onze hoop en verwachting. Voor een christen betekent kerst meer dan alleen maar hoop op een betere toekomst. “Het is een stellig weten(….) en een vast vertrouwen, dat niet alleen aan anderen, maar ook aan mij vergeving van zonden, eeuwige gerechtigheid en eeuwig heil door God geschonken zijn, enkel uit genade, alleen op grond van de verdienste van Christus”, Heidelbergse Catechismus zondag 7. Dat is het kerstcadeau dat het Kerstkind aan ons heeft geschonken. Hij, Jezus Christus, de Liefde in eigen persoon, overwon. En daarom is voor ons Kerst een echt feest. En jubelen we het uit Gloria in Excelsis Deo. Het Kindje werd een Man en die Man werd onze redding. Wij zijn geborgen in Zijn liefde, als een kindje in de armen van zijn moeder.
Ik wens u allen een gezegend Kerstfeest en een gezegend, geïnspireerd en gezond 2022.
F.L.


Bijbeltekst van de dag